Actualiteiten

27 augustus 2015

Aanzegverplichting

Rechtbank Noord-Holland

Op 28 februari 2015 zou de arbeidsovereenkomst van werkneemster eindigen. Werkneemster was niet op voorhand ingelicht over een voortzetting dan wel beëindiging. De werkgever heeft niet voldaan aan de aanzegverplichting. Werkneemster vordert bij verzoekschrift betaling van een vergoeding ter hoogte van haar maandsalaris. 

Sinds 1 januari 2015 geldt op grond van artikel 7:668 lid 1 BW de aanzegplicht. Dit houdt in dat een werkgever verplicht is om de werknemer uiterlijk een maand voordat een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege eindigt, schriftelijk te informeren over het al dan niet voortzetten daarvan. Indien de werkgever deze aanzegverplichting in het geheel niet is nagekomen, is de werkgever in beginsel op grond van het derde lid een vergoeding verschuldigd gelijk aan het loonbedrag van één maand.

Indien de werkgever gedeeltelijk niet is nagekomen door niet tijdig in te lichten is hij een vergoeding schuldig gelijk aan het loon over het aantal kalenderdagen dat te laat is aangezegd.

Tevens per 1 januari 2015 is artikel 7:686a lid 4 onderdeel a BW in werking getreden. In dit artikel is voor verzoeken zoals bovenstaande geregeld dat deze alleen binnen twee maanden na de dag waarop de arbeidsovereenkomst is geëindigd bij de kantonrechter kunnen worden ingediend. Latere verzoeken worden niet-ontvankelijk verklaard.

Artikel 7:668 BW zou niet compleet zijn, als er geen uitzonderingsituaties zouden zijn. In het tweede lid staat dat de aanzegplicht niet geldt als de werknemer korter dan zes maanden in dienst is of de einddatum niet op een kalenderjaar is vastgesteld. 

Werkneemster heeft gesteld dat haar werkgever de aanzegverplichting in het geheel niet is nagekomen. Zij was langer dan zes maanden in dienst en de einddatum was bekend, waardoor geen sprake is van een uitzonderingssituatie. Ook heeft werkneemster het verzoekschrift binnen twee maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst ingediend bij de kantonrechter. De kantonrechter heeft werkneemster in deze zaak dan ook in het gelijk gesteld en wijst een vergoeding toe conform één maandloon.

Een dergelijke vergoeding is formeel gezien ook verschuldigd als de overeenkomst wordt voortgezet zonder (tijdige) aanzegging. Verwacht mag worden dat werknemers de vergoeding in de praktijk niet zullen claimen. De werksfeer zal hierdoor immers niet positief worden beïnvloed. 

Cheyenne van Altena
Paralegal

 

 

Bronnen:
ECLI:NL:RBNNE:2015:2325
van Genderen, D.M. Fluit, P.S. Stefels, M.E. De Wolff, D.J.B. (2015) Arbeidsrecht in de praktijk. Den Haag: Sdu Uitgevers


Plaats een reactie

Naam:
E-mail adres:
Reactie:
 
This is a captcha-picture. It is used to prevent mass-access by robots. (see: www.captcha.net)
 



info@bmkadvocaten.nl
T. +31 (0)20 535 22 22
F. +31 (0)20 535 22 32
Gebouw Sarphatiplaza
6e etage
Rhijnspoorplein 30
1018 TX Amsterdam
Postbus 16626
1001 RC Amsterdam