Actualiteiten

10 oktober 2011

Geen alimentatie na langdurige mishandeling

Bij echtscheidingsbeschikking of later op verzoek van een van de ex-echtgenoten kan de rechter ingevolge artikel 157 eerste lid van Boek 1 BW een verplichting tot betaling van levensonderhoud opleggen. Uit onderstaande zaak blijkt dat de rechter daarbij niet alleen naar behoefte en draagkracht hoeft te kijken maar alle omstandigheden van het geval in zijn oordeel kan betrekken.

De zaak
Partijen zijn in 1983 met elkaar gehuwd. De rechtbank Breda heeft bij beschikking van 2 oktober 2007 de echtscheiding uitgesproken, welke op 1 november 2007 in de registers van de burgerlijke stand is ingeschreven, waardoor partijen op die datum formeel-juridisch waren gescheiden. De rechtbank had verder bepaald dat de man een bedrag van € 577,- per maand als bijdrage in het levensonderhoud van de vrouw moest betalen, zij het dat deze verplichting pas ging lopen nadat de vrouw aan haar verplichtingen jegens hem had voldaan ter zake van de afwikkeling van de huwelijksgoederengemeenschap. [1]

Na enige tijd was de man blijkbaar in minder goeden doen geraakt want bij beschikking van 25 maart 2009 werd de door hem te betalen alimentatie op nihil gesteld. In een latere beschikking (van 17 augustus 2010, verbeterd bij beschikking van 19 oktober 2010) bepaalde de rechtbank dat de vrouw met ingang van 1 april 2010 aan de man € 100,-  alimentatie per maand moest betalen met ingang van 1 april 2010. De duur van die verplichting werd wel beperkt tot 24 maanden. Beide partijen gingen hiertegen in (incidenteel) hoger beroep bij het hof te Den Bosch.

 De procedure
Vast staat dat de man de vrouw gedurende vrijwel het gehele huwelijk verbaal en fysiek heeft mishandeld. Naar aanleiding van een mishandeling in de nacht van 12 op 13 december 2006 heeft zij op 13 december 2006 aangifte tegen de man gedaan. Dit heeft onder meer geleid tot oneervol ontslag van de man op 25 april 2007 door de korpsbeheer van de politieregio Midden en West Brabant. Daarnaast werd de man strafrechtelijk veroordeeld. Ook na het uiteengaan van partijen heeft de man zich jegens de vrouw misdragen door haar te belagen. Ook daarvoor heeft hij zich bij de politierechter moeten verantwoorden hetgeen hem een veroordeling tot een werkstraf van 50 uren opleverde.

Het hof was van mening dat er langdurig sprake is geweest van gedragingen van de man die een zodanig kwetsend karakter hebben voor de vrouw dat van deze in redelijkheid niet kan worden verlangd in het levensonderhoud van de man bij te dragen. De stellingen van de man dat hij al genoeg was gestraft en dat de vrouw al genoegdoening had gehad door de alimentatiebetalingen die de man destijds had gedaan werden door het hof van geen belang geacht. Het hof wees er op dat het karakter van de verplichting tot het bijdragen in het levensonderhoud na echtscheiding noch een kwestie van straf noch van genoegdoening is. Hoewel dit op zich juist is (zeker in deze zaak) zal dit door menig ex-echtgenoot toch iets anders gevoeld worden, doch dit terzijde.

Zoals uit de hierboven beschreven zaak naar voren komt dienen bij het vaststellen van een onderhoudsbijdrage alle omstandigheden mee gewogen te worden. Omstandigheden kunnen echter in de loop van de tijd veranderen. Daarom doen degenen die alimentatie betalen of ontvangen er goed aan om regelmatig na te gaan of er redenen kunnen zijn om een verzoek tot wijziging van de destijds afgegeven beschikking bij de rechtbank in te dienen. De wet schrijft voor dat dit uitsluitend met tussenkomst van een advocaat kan.

Advocaat:
Mr Peter P. Klokkers

Bron: Hof ‘s-Hertogenbosch, 30 augustus  2011 LJN BR6553



[1]Waarschijnlijk ging het om de verdeling van de overwaarde van de echtelijke woning waarin de vrouw is blijven wonen, maar dat valt niet eenduidig uit de uitspraak te herleiden.


Plaats een reactie

Naam:
E-mail adres:
Reactie:
 
This is a captcha-picture. It is used to prevent mass-access by robots. (see: www.captcha.net)
 



info@bmkadvocaten.nl
T. +31 (0)20 535 22 22
F. +31 (0)20 535 22 32
Gebouw Sarphatiplaza
6e etage
Rhijnspoorplein 30
1018 TX Amsterdam
Postbus 16626
1001 RC Amsterdam