Actualiteiten

1 mei 2012

Ontbinding versus opzegging

Als een werknemer op staande voet wordt ontslagen doet de werkgever er in veel gevallen goed aan om zekerheidshalve ook een ontslagvergunning bij het UWV aan te vragen of bij de kantonrechter een ontbindingsprocedure aanhangig te maken. Ook de werknemer kan zich tot de kantonrechter wenden en daarbij uit 2 procedures kiezen. Dat dit alles zo zijn eigen spelregels kent maakt onderstaande casus nog eens duidelijk.

De zaak
De werknemer was in dienst bij ING op een hoge positie in Praag. Na 1 december 2010 vervulde hij die functie in Kiev. Op 20 juni 2011 kwam daar een einde aan doordat ING de man op staande voet ontsloeg. Toen de werknemer tegen het ontslag protesteerde (daarvan de nietigheid inroepende) verzocht ING het UWV om een ontslagvergunning “ voor zover vereist” af te geven. Drie weken na die aanvraag diende de werknemer een verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst in bij de kantonrechter te Amsterdam. Het verzoek werd behandeld ter zitting van 21 november 2011. Maar bij brief van 9 november 2011 verkreeg ING toestemming van het UWV om tot ontslag over te gaan wat ING prompt deed op 11 november, echter zonder de voorgeschreven opzegtermijn in acht te nemen.

De procedure
De kwestie die in de eerste plaats tijdens de zitting aan de orde kwam was de vraag of de arbeidsovereenkomst nog wel kon worden ontbonden, nu deze door de opzegging van 11 november 2011 op 15 november 2011 zou zijn beëindigd. De kantonrechter kwalificeerde de opzegging echter als misbruik van bevoegdheid en ontbond de arbeidsovereenkomst onder het voorbehoud dat deze ten tijde van zijn beslissing nog bestond per 1 januari 2012 onder toekenning van een ontslagvergoeding van 1.345.900,- bruto.

ING kwam van die beslissing in hoger beroep. Zij stelde in de eerste plaats dat er weliswaar sprake was van een onregelmatig ontslag omdat daarbij de wettelijke opzegtermijn niet in acht was genomen, maar dat van misbruik van bevoegdheid geen sprake was. ING vond namelijk dat zij een dringende reden had om direct tot ontslag over te gaan en de opzegtermijn niet in acht te nemen. Bij de mondelinge behandeling voegde ING daar nog aan toe dat zulks bij haar standaardpraktijk was.

Het Hof volgde ING niet. Volgens het Hof was er wel sprake van misbruik van bevoegdheid omdat het niet in acht nemen van de wettelijke opzegtermijn in dit geval blijkbaar geen ander doel had dan het ontbindingsverzoek van de werknemer te frustreren. ING had weliswaar nog andere redenen aangevoerd maar die werden door het Hof van tafel geveegd.

Naschrift
In dit geval waren de druiven wel erg zuur voor ING, maar wie de beschikkingen van het Hof en de kantonrechter er op naleest moet denk ik mijn conclusie delen dat zowel de kantonrechter als het Hof hier een juiste beslissing hebben genomen.

Dat de werknemer voor de ontbindingsprocedure had gekozen en niet voor de zogeheten kennelijk onredelijk ontslagprocedure lag overigens wel voor de hand. In laatst genoemde procedure worden andere criteria gehanteerd ter vaststelling van een vergoeding na ontslag en de uitkomsten daarvan liggen een stuk lager dan bij een ontbindingsprocedure. Overigens staat voor ING nog de weg naar de kantonrechter open in een bodemprocedure maar of zij daar wel haar gelijk kan halen is, gelet op de feiten, in het geheel niet zeker. En mocht zij uiteindelijk toch aan het langste eind trekken dan is het maar de vraag of de werknemer alsdan nog enig verhaal biedt wanneer de ontbindingsvergoeding moet worden terug betaald. De kantonrechter had zijn beslissing immers ambtshalve uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat ING onmiddellijk diende uit te betalen.

Advocaat:
mr Peter P. Klokkers

Bron: Gerechtshof Amsterdam, 14-02-2012 LJN BV8922http://www.rechtspraak.nl/

Rechtbank Amsterdam sector


Plaats een reactie

Naam:
E-mail adres:
Reactie:
 
This is a captcha-picture. It is used to prevent mass-access by robots. (see: www.captcha.net)
 



info@bmkadvocaten.nl
T. +31 (0)20 535 22 22
F. +31 (0)20 535 22 32
Gebouw Sarphatiplaza
6e etage
Rhijnspoorplein 30
1018 TX Amsterdam
Postbus 16626
1001 RC Amsterdam